Meidenvennijn

Meidenvenijn in de klas, wat doe je er aan?

Ik vind het ontzettend leuk om in de middenbouw les te geven. De kinderen krijgen steeds meer een eigen mening, hun persoonlijkheid wordt nog meer gevormd en ze beginnen zelf te ontdekken wat ze wel en niet willen.

In deze leeftijdscategorie worden vriendschappen gevormd, maar ook kinderen bewust buitengesloten. Misschien wel het bekendste fenomeen is het meidenvenijn in deze groepen. In deze blog vertel ik je er graag meer over.

Meidenvennijn in de klas
In sommige groepen kan er erg veel sprake zijn van meidenvenijn. Meiden die samenklitten, fluisteren en anderen bewust buitensluiten. Je kent vast wel de verschillende fasen van het groepsproces. Wanneer je de groep niet lekker aan het werk krijgt (performing) dan vraagt het sociale proces opnieuw de aandacht van de leerkracht.

Bij jongens lijkt het allemaal wat makkelijker te gaan. Zij bepalen onderling wie er de baas is en die bepaalt wat er gaat gebeuren. Zodra de rangorde is bepaald komt er duidelijkheid en rust in de groep. Bij meiden gaat het allemaal wat subtieler. Ook hier is sprake van een hiërarchie, maar die wordt minder openlijk bepaald. 

Bij meisjes zien we vaak dat ze elkaar manipuleren en over elkaar roddelen. Het gaat er bij hen niet om wie het sterkst is, maar wie het aardigst wordt gevonden. En dat is een term die moeilijker vast te stellen is dan ‘sterk’ bij de jongens.

De verschillende rollen
Je kunt als leerkracht een aantal rollen binnen meidengroepjes signaleren. Rosalind Wiseman geeft in haar boek Queen Bees en Wannabes een uitgebreide rolverdeling:

  • The queen bee (de koningin): dit is een meisje met een natuurlijk charisma en veel zelfvertrouwen. Andere kinderen willen graag met haar omgaan.
  • De sidekick (de hofdame): de koningin wordt omringd door hofdames. Dit zijn trouwe vriendinnen die altijd trouw blijven aan de koningin.
  • De banker (de hofdame): dit is een meisje dat in staat is om het vertrouwen van andere meisjes te winnen. Ze verzamelt en beheert gevoelige informatie en lekt deze informatie, zodat ze er zelf beter van wordt.
  • De wannabes (de werkers): dit zijn de meelopers die graag bij de koningin willen horen. Ze probeer het gedrag, taal, kleding en uiterlijk over te imiteren. Ze is echt een ‘pleaser’ en doet er alles aan om bij het groepje te horen.
  • Torn bystanders (stille getuigen): deze meiden zien wat er gebeurt maar ze durven niet in te grijpen uit angst zelf het doelwit te worden.
  • Target of paria: zij is het meisje waar de kliek zich tegen afzet. Dit maakt de kliek sterker en het heeft een controlerend effect. Meestal zijn het meisjes buiten de kliek die een bedreiging vormen voor de koningin.
  • Floater: zij lijkt zich moeiteloos door alle groepjes heen te bewegen. Ze is onafhankelijk, maar heeft geen echte macht.

Lees ook: wat kan je als leerkracht doen tegen pesten? 

Meidenvennijn in de klas, hoe ga je ermee om?

Meidenvenijn, wat doe je er aan?
Maak gebruik van werkvormen in de klas om meidenvenijn aan te pakken maar ook om het te voorkomen. Ik kreeg het boek ‘Een roze bril: meidenvenijn op de basisschool‘. Een erg mooi kleurrijk doeboek voor leerkrachten en intern begeleiders die meidenvenijn zien en willen aanpakken.

Het is een unieke verzameling met afwisselende stukjes informatie en (creatieve) opdrachten om met de meiden te doen.

Bijvoorbeeld:

  • Een werkblad en voorbeelden om met de meiden roze regels op te stellen. Denk aan: we fluisteren niet met elkaar als er andere meisjes bij zijn.
  • Voor elke bouw een werkblad om een sociogram op te stellen.
  • Creatieve foto-opdracht voor de leerkracht: welke meisjes krijgen vooral mijn aandacht? Is dit positief of negatief?
  • Werkblad; een echt vriendin. Wat doet ze wel en wat niet? Wat doen jouw vriendinnen?
  • Hoe ziet jouw vriendschap eruit? De kinderen gaan aan de slag door te scrappen.

En nog veel meer! Ook lees je tips hoe je om kunt gaan met de torn bystanders, tips voor targets, kletskaarten, ideeën om het roddelen te remmen en creatieve manieren om ruzies tussen meiden goed te maken.

Het doeboek bevat dus veel kant-en-klare doe-opdrachten om het meidenvenijn op een speelse manier aan te pakken. Echt een aanrader als je zelf niet weet waar te beginnen, maar er wel mee aan de slag wilt gaan.

Ook interessant: bekijk met de klas deze uitzending van Zapp Anti Pest Club en bespreek wat de kinderen hiervan kunnen gebruiken in de eigen groep.

Kinderboeken over meidenvenijn en pesten

Meidenvennijn in de klas, hoe ga je ermee om?Bij de hand – Pest jij ook? 
Er komt een nieuw meisje in de kleuterklas, Meike. De juf vraagt of Elsje het nieuwe meisje wil helpen. Maar Elsje wil dit helemaal niet. Ze bedenkt een gemeen plan. Ze gaat Meike pesten. Het pesten wordt steeds erger, zo erg dat Elsje er spijt van krijgt.

Dit prentenboek over pesten is bedoeld voor kinderen van 4 tot 6 jaar. Het is, in tegenstelling tot veel andere boeken over pesten, geschreven vanuit de pester zelf. Het boek kan als leidraad dienen om een gesprek aan te gaan over pesten.

 

Strijd op de dansvloer Meidenvennijn in de klas, hoe ga je ermee om?
Paulien en Zoë, de beste vriendinnen van Noor en Fien, zitten op dansles. Ze zijn heel enthousiast wanneer er een danswedstrijd voor jong talent wordt aangekondigd. Ze proberen de tweelingzusjes ervan te overtuigen om zich als groep in te schrijven. Maar Noor heeft geen tijd en Fien geen zin. Via een list lukt het uiteindelijk toch en ze schrijven zich in.
Daar krijg Fien al snel spijt van. Ondanks haar grote mond is ze doodsbang om op een podium te staan. Dat verzwijgt ze voor iedereen. Naarmate de danswedstrijd nadert, gebeuren er vreemde dingen. Het lijkt erop of iemand hen uit de wedstrijd wil houden. Het viertal krijgt zelfs een dreigbrief. Wie zit daarachter? Slaagt Fien erin om haar angst te overwinnen?

 

Geheime briefjes / Het nieuwe meisje Meidenvennijn in de klas, hoe ga je ermee om?
Carlijn vindt het leuk idee dat er een nieuw meisje in de klas komt, maar haar vriendin Esther heeft geen nieuwe klasgenote nodig: ze heeft Carlijn toch. Het nieuwe meisje vertelt dat ze uit Brussel komt; ze trekt al snel ieders aandacht. Maar Esther ontdekt dat ze een geheim heeft. Eigentijds boek over een alledaagse, herkenbare gebeurtenis, met humor geschreven. De duidelijke tekst en het eenvoudige woordgebruik maken het boek prettig leesbaar voor kinderen in groep 4 die de basiskennis van het lezen wat onder de knie hebben. Simpele zwartwitpotloodtekeningen zijn volop aanwezig. Vanaf ca. 7 jaar.

Is er in jouw groep sprake van meidenvenijn? Hoe ga je hier mee om? Mocht je nog tips hebben dan hoor ik het graag.

Foto’s Shutterstock

BewarenBewarenBewarenBewaren

Auteur:

Linda Willemsen is het gezicht achter klasvanjuflinda.nl en zet zich in voor spelenderwijs ontdekken en leren. Ze werkt drie dagen per week in groep 3/4 op een basisschool in Veenendaal. Daarnaast houdt ze zich bezig met auteurswerk en heeft ze de Master SEN richting gedragsspecialist afgerond.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *