Coöperatief leren (werkvormen)

Ik ben me in de coöperatieve werkvormen gaan verdiepen en het lijkt mij erg leuk om deze ook tijdens de lessen toe te passen. Ik heb er zoveel over gelezen, dat ik het overzicht een beetje kwijt ben geraakt. Daarom heb ik een aantal werkvormen kort omschreven met voorbeelden wanneer je de werkvorm goed kunt gebruiken. Op de voorkant staat de omschrijving en op de achterkant de voorbeelden. Ik heb de voor- en achterkant aan elkaar geplakt en gelamineerd. Als ik nu een leuke werkvorm wil gebruiken hoef ik alleen de kaartjes er maar bij te pakken om ideeën op te doen!

Voor meer achtergrondinformatie en uitgebreide tips moet je zeker eens het boek Coöperatief leren in het basisonderwijs lezen.

Ik ben me in de coöperatieve werkvormen gaan verdiepen en het lijkt mij erg leuk om deze ook tijdens de lessen toe te passen. Ik heb ze op kaartjes gezet.

Deze werkvormen heb ik beschreven:
x Denken, delen, uitwisselen
x Flitsen
x Om de beurt
x Dobbelen
x Duo’s
x Interviews
x Woordenweb
x Brainstorm
x Genummerde hoofden
x Legpuzzel
x Placemat
x Puzzels
x Rotonde
x Binnencirkel – buitencirkel
x Hoeken
x Wandel – wissel uit

Download kaartjes coöperatief leren

Cooperatief leren in het basisonderwijs
Schrijver: M. Forrer  & B. Kenter
Uitgever: EDG Thuiswinkel
Prijs: €69,99

Klik hier om het boek te bestellen.

Coöperatief leren (werkvormen)

4 gedachtes over “Coöperatief leren (werkvormen)

  1. Ineke Roijmans zegt:

    Beste Linda,

    ik vind het erg interessant om jouw kaartjes te bekijken, maar op de een of andere manier krijg ik ze niet gedownload!
    Kan je me hiermee helpen?

    Alvast bedankt Ineke

  2. Marjolein Edelenbosch zegt:

    Wat een mooie uitgewerkte kaartjes en wat fijn dat je ze met ons wilt delen.
    Als dank stuur ik je er eentje terug :)

    Wie van de drie (10-15 min)
    1. De leerlingen bestuderen een weettekst
    3. Maak groepjes (bijvoorbeeld van 4)
    2. Kinderen schrijven 3 stellingen bij de tekst. Een van de stellingen is niet waar, de andere twee zijn waar.
    3. De kinderen leggen de teksten weg. Om de beurt vertelt een leerling zijn 3 stellingen. De leerlingen uit die groep moeten zeggen welke stelling niet waar is.

    Leuk bij de zaakvakken om teksten te onthouden. Maar dit kan natuurlijk ook bij rekenen. Maak 3 sommen met antwoord, waarvan er één niet juist is. etc.

    Groetjes Marjolein

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *