Leuke tips om te rekenen in de supermarkt

In de supermarkt zijn talloze mogelijkheden om spelenderwijs met het rekenen te oefenen. Je kunt op verschillende manieren aandacht geven aan bijvoorbeeld de domeinen geld, gewicht, vorm en kleur, schatten en nog veel meer. In deze blog wil ik je vertellen hoe je dit kunt doen.

Tellen en getalbegrip
Thuis kunnen de voorbereidingen van het rekenen al beginnen. Op het boodschappenlijstje schrijf je op welke producten je wilt kopen en hoeveel je hiervan nodig hebt. Op deze manier komen de kinderen met de cijfers in aanraking. Denk aan 3 broden en 5 appels. In groep 2/3 maken de kinderen kennis met het turven. Je zou hier op kunnen inspelen door niet de cijfers, maar juist de turfstreepjes te gebruiken. Ook zou je de kinderen kunnen uitdagen door te vragen hoeveel zij denken dat er gekocht moet worden. Elke dag eet je een appel, hoeveel appels hebben we dan in 5 dagen nodig?

Tijdsbegrip
Je kunt voordat je weggaat de planning bespreken. Hierdoor ontwikkelen de kinderen tijdsbegrip. “We gaan eerst boodschappen doen bij de supermarkt, dan gaan we naar de slager en daarna weer naar huis.”

Meten en wegen
De groente- en fruit afdeling biedt onwijs veel kansen om te rekenen. Je kunt de kinderen opdrachten geven als: “Pak vier bananen” of “Pak stop 10 mandarijnen in een zakje”. Op deze manier leren de kinderen omgaan met hoeveelheden. Ook kun je de kinderen laten wegen, “Zorg ervoor dat je 500 gram sperziebonen in het zakje krijgt”. De kinderen leren op deze manier schatten hoeveel 500 gram is en hoeveel er nog bij of af moet om 500 gram te maken.
Voor het wegen kun je hier al met je kind over praten. “Denk je dat we genoeg hebben?” “Zou er nog iets bij moeten?” “Hoeveel gram sperziebonen moet er nog bij?”
“We hebben een kilo appels nodig om een appeltaart te maken, hoeveel appels zouden dat zijn?” “Als we weten hoeveel 1 appel weegt kunnen we het misschien wel handig uitrekenen…”

In de supermarkt zijn talloze mogelijkheden om spelenderwijs met het rekenen te oefenen. In deze blog geef ik je allerlei leuke tips hoe je dit kunt doen.

Meetkunde
Je kunt tijdens het lopen door de supermarkt routeaanwijzingen geven. “We gaan hier naar links”, “We nemen het eerste pad” of “We gaan rechtdoor naar de broodafdeling”.  Ook kun je kinderen opdracht geven om dingen te pakken en daarbij de voorzetsels gebruiken. “Wil je een pot linzen pakken? Ze staan naast de kikkererwten.”

Ook leuk: geef de kinderen thuis de opdracht om een bepaald product te zoeken. Bijvoorbeeld aardbeien of een courgette. Print de kaartjes van fruit of groente uit, lamineer ze en geef deze aan het kind als opdrachtkaart.

Kleuren en vormen
Met jonge kinderen kun je prima de kleuren oefenen in de supermarkt. “Wil je een groene paprika pakken?” of  “Wil je mij een rode zak chips aangeven?”. Of geef het kind keuzes. “Wil je gele vla of bruine vla?” Hierbij wijs je natuurlijk de pakken (met de juiste kleur) aan.
In de supermarkt zijn ook veel verschillende vormen te vinden. Laat de kinderen deze steeds benoemen of de producten per vorm sorteren in het winkelwagentje.

Geld
Wanneer kinderen meegaan naar de supermarkt leren ze dat je voor boodschappen moet betalen. Ze maken spelenderwijs kennis met geld. Als ze ouder zijn kun je hier ook opdrachten aan koppelen. “Wat zou je kunnen kopen voor 2 euro?”. “We hebben drie producten gekocht, hoeveel denk je dat het samen kost?”. of “Ik betaal met een briefje van 10 euro, hoeveel krijg ik dan terug?”

Heb jij nog leuke ideeën om kinderen te laten rekenen in de supermarkt? Laat het in een reactie weten!

Auteur:

Linda Willemsen is het gezicht achter klasvanjuflinda.nl en zet zich in voor spelenderwijs ontdekken en leren. Ze werkt drie dagen per week in groep 3/4 op een basisschool in Veenendaal. Daarnaast houdt ze zich bezig met auteurswerk en heeft ze de Master SEN richting gedragsspecialist afgerond.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *