Woezel & Pip: Mijn eerste Engelse woordjes

Leopold heeft een erg leuk boekje, Woezel & Pip: Mijn eerste Engelse woordjes, uitgegeven waarin kinderen op een eenvoudige manier met Engelse woordjes in aanraking kunnen komen. Samen met Woezel en Pip gaan de kinderen op ontdekkingsreis. Onderweg leren ze Engelse woordjes aan de hand van voorwerpen die ze tegenkomen.

Uit onderzoek (o.a. Goorhuis – Brouwer 2007: 59) blijkt dat kinderen tussen de 0-7 jaar in staat zijn om een paar talen tegelijk te leren. Uiteraard is is dit wel afhankelijk van een aantal factoren. Het voordeel van het vroeg leren van een tweede taal is dat de uitspraak natuurlijker (mits de opvoeder de taal goed spreekt) wordt. Daarnaast hebben jonge kinderen nog weinig schaamte dus durven ze sneller in de tweede taal te spreken.

Woezel en Pip
Het is een prachtig prentenboek met full colour afbeeldingen. Het boek heeft verschillende aansprekende thema’s, denk aan kleuren, het bos, feest en het strand. Elk thema bevat een illustratie die op twee pagina’s dekkend is weergegeven. De platen zijn gevuld met allerlei details. Hierbij zijn de Engelse woordjes geschreven, zodat je als ouder of leerkracht kunt aangeven hoe je het voorwerp in het Engels noemt.

Ik vind het positief dat zowel eenvoudige als moeilijke woorden worden weergegeven. Kinderen kunnen vaak een hoop meer aan dan wij als opvoeders denken. Daarnaast leren zij uit nieuwsgierigheid en bepalen ze zelf of ze een woord willen weten. Vergeten ze een woord weer dan is het ook prima, het gaat om het kennismaken met Engelse woorden.

Woezel & Pip: Mijn eerste Engelse woordjesWoezel & Pip: Mijn eerste Engelse woordjesHoe gebruik je het boek?
Ik ben zelf een groot voorstander van thematisch leren, dus ik zou het boek op verschillende momenten aanbieden. In de herfst kun je bijvoorbeeld de plaat van het bos gebruiken en bij een verjaardag de plaat van het feest. Zo leren de kinderen de woorden in een context waardoor ze het beter kunnen onthouden. Daarnaast wordt hiermee ook de moedertaal versterkt, want je herhaalt als het goed is ook de Nederlandse woorden.

  • Begin altijd met het ontwikkelen van de passieve woordenschat (receptief niveau). Dit betekent dat jij het Engelse woord zegt en dat het kind het plaatje aanwijst. Na veel herhalen zal het kind uiteindelijk toe zijn aan het zelf actief benoemen (productief niveau) van de illustraties.
  • Bekijk samen de plaat en herhaal alle Engelse woorden. Noem dan een Engels woord en laat het kind het bijpassende plaatje zoeken en het Nederlandse woord noemen.
  • Geef een omschrijving van de afbeelding in het Nederlands en laat het kind het Engelse woord noemen.
  • Probeer het niet al te ‘statisch’ aan te bieden. Bij de speeltuinplaat kun je bijvoorbeeld vragen “Waar is Woezel?” “Juist ja, op de swing” “En waar zou jij graag mee willen spelen?” “Ja, de skipping robe is inderdaad erg leuk”. Hierdoor worden de woorden op een wat natuurlijke manier gebruikt.

Woezel & Pip: Mijn eerste Engelse woordjes
Schrijver: Guusje Nederhorst
Uitgever: Leopold
Prijs: €8,99

Klik hier om het boek bij Bol.com te bestellen.

Auteur:

Linda Willemsen is het gezicht achter klasvanjuflinda.nl en zet zich in voor spelenderwijs ontdekken en leren. Ze werkt drie dagen per week in groep 3/4 op een basisschool in Veenendaal. Daarnaast houdt ze zich bezig met auteurswerk en heeft ze de Master SEN richting gedragsspecialist afgerond.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *