Review: Ben ik in beeld? Over beelddenken.

Na aanleiding van een gesprek met een ouder heb ik besloten om het onderwerp ‘beelddenken’ te onderzoeken. Deze ouder denkt dat haar dochter een beelddenker is en vroeg zich af of we haar niet te kort doen door haar op een talige manier onderwijs aan te bieden. Op de PABO heb ik ooit wel eens een college over beelddenken gevolgd, maar wat het nu daadwerkelijk in de praktijk inhoud? Ik neem je mee in mijn zoektocht door  het boek ‘Beelddenken‘ van Marion van de Coolwijk te bespreken. Marion is directeur van het instituut Kind in beeld, dat zich richt op het beelddenken. Met dit boek hoopt ze meer begrip te krijgen voor mensen, die denken in beelden.

In deze blog maak ik gebruik van affiliate links. Zie voor meer informatie mijn disclaimer

Denken in beelden, hoe werkt dat?
Dit is het beste uit te leggen door een testje te doen. Denk aan het woord ‘bloem’. Wat zie je voor je? De meeste mensen zullen het woord b-l-o-e-m in hun gedachten zien, dan ben je een taaldenker. Zie je een plaatje van een prachtige bloem met groene bladeren voor je? Dan ben je een beelddenker. Een beelddenker denkt in beelden en gebeurtenissen, niet in woorden en begrippen.

Wist je dat elke baby voor 100% beelddenker is? Woorden en zinnen kent een baby nog niet. Beelden hebben kinderen nodig om taal te leren. Rond het vierde jaar ontwikkelen de hersenen een voorkeur voor beelddenken of taaldenken. Een taaldenker bedenkt het plaatje bij de woorden en een beelddenker moet de woorden bij het plaatje zoeken.

Kenmerken
van een beelddenker

  • Maken vaak een afwezige indruk. Hun werktempo is vaak lager dan gemiddeld, omdat ze steeds van taal naar beeld en van beeld naar taal moeten vertalen.
  • Hebben een kleine woordenschat. Ze kunnen vaak het woord niet bij het beeld vinden en gebruiken daardoor woorden als ‘dinges’.
  • Vinden het lastig om een verhaal te vertellen. Er zit geen begin en einde aan een verhaal.
  • Kunnen kinderlijk overkomen en zijn vaak lang afhankelijk van ouders.
  • Hebben moeite met volgorde en tijd. Kan zich geen beeld vormen bij  begrippen als ochtend-middag-avond en heeft moeite met klok kijken.
  • Kan links en rechts moeilijk uit elkaar houden.
  • Heeft wisselende schoolprestaties. Kan de ene dag een hoop inzicht tonen en op andere momenten juist weer niet.

Specifieke kenmerken voor peuters, basisschoolleerlingen  en pubers kun je in het boek terug vinden. Hierin vind je ook signaleringslijsten.

Rond het vierde jaar ontwikkelen de hersenen een voorkeur voor beelddenken of taaldenken. Houd jij hier in het onderwijsaanbod rekening mee?

Het leren
In de kleuterperiode worden alle zintuigen vaak nog aangesproken. Kinderen leren door te zien, voelen, ruiken: kortom ervaren! Vanaf groep 3 valt dit vaak helemaal weg en leert een kind vooral door te luisteren naar de leerkracht. Op de traditionele scholen is het onderwijs ontzettend talig. Vanaf dit moment krijgen beelddenkers vaak een achterstand op het gebied van lezen, spellen en automatiseren. Zij zien bijvoorbeeld geen losse letters, maar kunnen wel het hele woord b-oo-m lezen. Dit komt doordat ze het beeld boom kennen. Een beelddenker leert en onthoud alleen als hij overzicht heeft en het geheel van de leerstof overziet.

Uitval op lezen
Veel beelddenkers hebben problemen met het leren lezen. Er is een zwakke automatisering van de klank-teken en teken-klank koppeling. Het zijn vooral radende lezers. Slimme kinderen kunnen dit heel goed verbergen, door zich een beeld van het woord te vormen. Het is dus erg belangrijk om in groep 3 ook bijvoorbeeld de KLEPEL toets af te nemen, waarbij ook onzinwoorden getoetst woorden. Hierbij vallen ze vaak door de mand en stromen ze niet ongezien door naar groep 4. Marion geeft de tip om in groep 2 al acht letters (oo m – k – a -t -s + twee letters uit de eigen naam van het kind) aan te leren. In het boek staan hele uitgebreide tips hoe je dit kunt doen door aan te sluiten op visueel, auditief, tactiel, motorisch en ritmisch gebied.

Uitval op spelling
Beelddenkers draaien veel letters om (net als bij dyslexie). De b wordt bijvoorbeeld een d. Ze zien het verband tussen het teken en de klank niet. Dit kun je oplossen door bijvoorbeeld een plaatje van een vogel met de letter v als vleugel aan te bieden. Woordjes leren is vaak ook erg lastig. Ze weten wel welke letters er in moeten, maar onthouden de volgorde niet.
Als ze een beeld van het woord in gedachten kunnen maken lukt het vaak wel. Ze kunnen het woord dan zelfs achterstevoren spellen.

Uitval op rekenen
Net als bij letters worden de getallen omgedraaid en kunnen moeilijk een koppeling maken tussen getallen en hoeveelheden. Ook is het automatiseren erg lastig. Het is daarom belangrijk dat kinderen bijvoorbeeld de tafels horen, zien, voelen en beleven.

Werkvormen
Beelddenkers leren dus door zoveel mogelijk zintuigen te gebruiken. Hoe doe je dit dan? Marion heeft op bekende leesproblemen werkvormen bedacht, die je individueel of klassikaal met de kinderen kunt doen. Dit zijn werkvormen op bijvoorbeeld het gebied van het auditief – en visueel geheugen, auditieve analyse en – synthese, het spellen en automatiseren en op het gebied van snelheid en nauwkeurigheid.

Daarnaast worden ook werkvormen op het gebied van rekenen besproken. Denk hierbij aan: hoeveelheidsbegrip, oriëntatie in de ruimte en in de tijd, getal-, hoeveelheid – en maatbegrip en natuurlijk het automatiseren van sommen. Al deze werkvormen zijn in het boek terug te vinden.

Leren leren
Marion vertelt in het boek heel duidelijk hoe het leren in de hersenen en geheugen tot stand komt. Daarna geeft ze tips hoe je als beelddenker een stuk tekst kan onthouden. Dit kan bijvoorbeeld door de kleurenmethode of de conceptmap toe te passen. Ook beschrijft ze hoe je de conceptmap bij het maken van een werkstuk of spreekbeurt kunt gebruiken. Deze informatie is echt opgeschreven voor kinderen en zou je zo uit het boek kunnen kopiëren.

Meer informatie over de leren leren methode kun je hier vinden.

De laatste twee hoofdstukken in het boek heeft Marion speciaal geschreven voor de leerling van het voortgezet onderwijs en voor de volwassene, die ‘last’ heeft van het beelddenken.

Mijn mening
Ik hoop dat ik je nieuwsgierig hebt gemaakt en dat je kijk op onderwijs geven veranderd is. Kijk eens naar je eigen onderwijs. Hoe leer je de letters of tafels aan? Doe je dit voornamelijk uit het boek of gebruik je ook andere leermaterialen, als kralen, blokken of klei? Denk ook aan de woordenschatlessen. Misschien schrijf je wel de woorden op het bord, maar maak je er ook een tekening bij?

Ik wil je er nog wel op wijzen, dat het ‘beelddenken’ (nog) niet wetenschappelijk bewezen is. Een aantal mensen vindt het grote onzin. Verdiep je er dus in en vorm je eigen mening.

Ben ik in beeld?
Schrijver: Wendy van Lammers van Toorenburg
Uitgever: Pica
Prijs: €19,99

Klik hier om het boek te bestellen.

Ben ik in beeld? (H)erkenning voor beelddenkende kinderen...

Auteur:

Linda Willemsen is het gezicht achter klasvanjuflinda.nl en zet zich in voor spelenderwijs ontdekken en leren. Ze werkt drie dagen per week in groep 3/4 op een kleine basisschool in Veenendaal. Daarnaast houdt ze zich bezig met auteurswerk en volgt ze de opleiding Master SEN richting gedragsspecialist.

6 gedachtes over “Review: Ben ik in beeld? Over beelddenken.

  1. Jessika zegt:

    Als ze bij mij toen ik jong was hadden ontdekt dat ik een beelddenker ben, had mij dit heel wat stress en leed op school kunnen besparen. Jammer genoeg is het nog redelijk onbekend en word je al snel richting het vakje ADHD verwezen.

  2. klaske zegt:

    Wat een enorme flauwekul!
    Onderzoek wat wetenschappelijk is, daar mag je voorzichtige conclusies aan verbinden.
    Deze dame noemt het lezen van een boek in combinatie van het ooit aanhoren van een idee tijdens een college, een onderzoek!
    Juf, hou u bij de les en doe uw werk.

    • Mayelle zegt:

      Is het onvermogen om haar te bedanken voor haar onderzoek wat ouder, kind en leerkracht kan helpen bij het reguliere onderwijs of is het gewoon kortzichtigheid?

  3. Erika zegt:

    Heel herkenbaar. Ik heb zelf 2 kinderen die in beelden denken. Ik ben dus met de kinderen in de klas ook veel visueel gaan werken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *