Je bekijkt nu Een informatiehuisje maken

Een informatiehuisje maken

(Natasja) Uiteraard lezen we in mijn klas regelmatig teksten. Toch probeer ik ook zo vaak mogelijk om iets extra’s te doen met die teksten. Dit vooral omdat ik het leerzaam vind om meerdere leerdoelen in een project te verwerken. Zo krijgt ieder kind de kans om dat te doen waar hij goed in is en om te oefenen met de minder ontwikkelde kwaliteiten.

Deze keer maakten we een informatiehuisje, niet van hout maar op papier, gevuld met alles wat we over ons thema te weten kwamen. Door het maken van zo’n huisje bouwen we samen aan tekstbegrip: wie is het dier, waar leeft het, wat eet het, wat is bijzonder? Deze manier van werken helpt kinderen informatie te ordenen en verbanden te leggen. Dit zijn belangrijke vaardigheden in het begrijpend lezen.

Het kiezen van de teksten

We gingen aan de slag met de informatieve teksten over dieren, een onderwerp dat de kinderen altijd aanspreekt. Ze mochten zelf weten of ze over hun eigen huisdier gingen lezen, of dat ze juist een ander dier wilden kiezen. Het doel was ‘iets leren over een dier wat je nog niet wist’ en dat kon natuurlijk ook je eigen huisdier zijn.

Ik kopieerde een flinke stapel teksten over diverse dieren, om de keuze zo groot mogelijk te maken. Iedereen koos een eigen dier en daarna gingen we eerst de tekst voor onszelf lezen en alvast losse weetjes over jouw dier verzamelen.

In het circuit die middag gingen de kinderen aan de slag met het voorlezen van de teksten aan elkaar. En tot slot spraken we kort over wat de kinderen vonden van hun tekst in de kring.

Aan de slag

In de kring hadden we besloten om op het huisje drie verschillende onderwerpen te behandelen. Namelijk:

  • wat eet jouw dier?
  • waar leeft jouw dier?
  • wat zijn weetjes over jouw dier?

Ik zorgde voor voorgedrukte vellen met lijntjes, waarboven ik de titel had getypt. Onder elk schrijfvlak maakte ik een vak om een tekening in te maken over dat stukje informatie. Elke dag maakten we 1 onderdeel van het huisje in het circuit. Dit vind ik een fijne manier van werken, omdat de kinderen dan ook makkelijk kunnen overleggen met elkaar.

Door deze aanpak merkte ik dat de kinderen niet alleen gingen lezen, maar ook echt op zoek gingen in de tekst. De vragen die we vooraf hadden afgesproken in de kring, gaven richting aan het leesproces. Het groeide naar lezen met een doel en actief op zoek gaan naar antwoorden. Niet alle teksten boden de gewenste informatie. Dan zochten we in informatieve boeken uit de schoolbibliotheek en ook Google bood hier en daar uitkomst.

Voordat we aan de slag gingen met schrijven, heb ik de kinderen erop gewezen dat ze netjes moeten schrijven. De huisjes werden tentoongesteld op de gang en daar kunnen alle andere kinderen, meesters en juffen en ook ouders de huisjes zien. Ook liet ik elke dag in de kring een aantal zelfgeschreven stukjes voorlezen en je wilt toch niet dat je je eigen verhaal niet meer kunt lezen?

Knippen en plakken

Nadat alle onderdelen af waren, geschreven en getekend, gingen we het huisje maken. Eerst werden de leestekst en ook de eigen geknipte teksten uitgeknipt. De huisjes zelf had ik al met de snijmachine gedaan. Dit zou een eventuele volgende keer ook door de kinderen zelf gedaan kunnen worden.

Ik koos voor diverse kleuren om er een vrolijk geheel van te maken. Ook hierin heb ik de kinderen de vrije keus gegeven. Na al het knipwerk volgde het plakken. De teksten werden netjes in het midden van de huisjes geplakt. Daarna de huisjes zelf nog in elkaar, waarbij het belangrijk was dat de bodem aan alle kanten gelijk op elkaar geplakt werd, anders heb je een wiebelhuis.

Wanneer alles in elkaar geplakt is, is het een kwestie van vouwen en de huisjes waren klaar! Voordat de huisjes een mooi plekje kregen op de gang, hebben we ze aan elkaar gepresenteerd in de kring. Iedereen mocht vertellen over zijn dier, maar ook over hoe het tot stand komen van hun huisje ging.

Niet alleen het eindresultaat was belangrijk, maar ook het proces. Uiteindelijk was iedereen erg enthousiast over wat we gemaakt hadden en kregen de kinderen veel complimenten.

De evaluatie

Nadat de huisjes een poosje op de gang hadden gestaan, hebben we er nog eens over gesproken in de kring. De kinderen vertelden over hoe leuk het was om te maken, maar vooral over hoe fijn het was om trots te zijn op iets wat je zelf gemaakt hebt. Ze vonden het leuk om samen te kunnen werken en toch ook ieder met hun eigen huisje bezig te zijn. Een mooi stukje eigenaarschap!

Ikzelf vond het mooi om te zien dat de kinderen veel gerichter gingen lezen en terugzoeken in de tekst. Het maken van een informatiehuisje gaf ineens een heel ander doel aan het lezen. Er werd informatie opgezocht en verwerkt, ze leerden zichzelf vragen stellen en ze leerden informatie rubriceren, zonder dat ze zich bewust waren van hoe strategisch ze eigenlijk bezig waren.

Het voordeel van deze huisjes is dat je ze voor elk doeleind en thema kunt gebruiken. Het is simpelweg een leuke manier van presenteren, waarbij het fijn is dat iedereen, ongeacht je niveau, deel kan nemen!

Quote van Sara; Ik wist helemaal niet dat een hond kan ruiken dat je ziek bent!

Geef een reactie