Kinderen leren om zich in een ander te verplaatsen

In de meeste gevallen trekt een groep zo’n acht jaar met elkaar op. Dit betekent dat de kinderen heel wat uren met elkaar moeten doorbrengen en het is daarom belangrijk om veel tijd te steken in een fijne sfeer. Ook op jonge leeftijd kun je hier al mee beginnen door veel groepsvormende spelletjes te spelen. Al eerder gaf ik vijf tips voor een fijne sfeer in de groep. In dit artikel wil ik ideeën geven hoe je kinderen kunt leren om zich in een ander te verplaatsen. Wanneer leerlingen zich in een ander kunnen verplaatsen zullen ze minder snel ongewenst gedrag zoals pesten laten zien. Er ontstaat een sfeer van saamhorigheid en veiligheid, belangrijke voorwaarden om je te kunnen ontwikkelen.

Prentenboeken
Verhalen zijn ontzettend geschikt om meer te leren over verschillende situaties waarin mensen zich kunnen bevinden. Denk aan een personage die ruzie heeft of verdrietig is, maar ook positieve verhalen over dat iemand jarig is of op vakantie gaat kunnen waardevol zijn. Lees het verhaal interactief voor aan de kinderen en gebruik de tijd vooral om te praten over de emotie(s) van het personage en wat dit dan voor hem of haar betekent. Vertel tussendoor wat je opvalt (“Ik zie dat zijn mondhoeken naar beneden staan. Ik denk dat hij verdrietig is. Ik ben benieuwd hoe dat komt.”) en of je dit bij jezelf herkent (“Ik begrijp wel waarom Kikker jaloers is, want als mijn vriendinnetje een nieuwe tas heeft dan zou ik dat ook wel willen.”) Laat de kinderen daarna (in tweetallen) vertellen over hun eigen ervaringen, want die zullen ze zeker hebben. Herkennen de kinderen de situatie waarin het personage zich bevind? Hoe vinden ze dat? Hou zouden zij reageren? Wat zou je tegen het personage willen zeggen? Richt je dus vooral op de sociaal-emotionele kant en niet op begrijpend luisteren en boekoriëntatie.
De boeken van Kikker van de schrijver Max Velthuijs zijn zeer geschikt.

Op de website The Corner on Character vond ik nog een heel mooi idee. Laat de kinderen ‘letterlijk’ zich in een ander verplaatsen. Zet een paar schoenen neer en vertel erover, bijvoorbeeld deze schoenen zijn van een jongen die naar de dokter moet voor een prik. Hoe zou hij zich voelen? Wat kun je tegen hem zeggen om hem beter te laten voelen?

Laat de kinderen vragen stellen

Wat ik soms zo jammer vind aan kringgesprekken is dat ze meestal vrij oppervlakkig blijven. Dit komt vaak doordat er te weinig tijd is of dat je wel door moet gaan, omdat de kinderen anders niet lang genoeg geconcentreerd blijven. Heel logisch. Als ik alle kinderen wil laten vertellen, dan doe ik dit altijd in maatjes. Maar soms kies ik er wel juist bewust voor om (maximaal) drie kinderen in de grote kring te laten vertellen. De kinderen leren zo zich aan de gespreksregels te houden en kunnen op deze manier interesse tonen in elkaar.  Ik betrek de kinderen er dan bij door te vragen of er iemand nog een vraag heeft voor de desbetreffende leerling en laat ze deze dan ook zelf stellen. Zo leren de kinderen om interesse te tonen en de leerling ervaart dat wat hij vertelt belangrijk is voor de rest.

Stel diepere vragen
Als leerkracht ben je snel geneigd om concrete vragen te stellen. Stel er is een leerling jarig. Je vraagt dan “Welke cadeaus heb je gekregen?” of “Is er voor je gezongen?” Maar je kunt daarnaast ook vragen “Hoe voelde je dat je deze cadeaus hebt gekregen?” “Waarom is het leuk om jarig te zijn?” Een andere situatie is als twee kinderen ruzie hebben. Je kunt er later in de kring nog eens met elkaar op terugkomen. “Tom, wil jij nog eens vertellen waarom je boos werd?” “Wat deed dit met je?” “Rik, hoe kon jij zien dat Tom boos was?” “Wat zouden de andere kinderen van jullie ruzie kunnen leren?”

In dit artikel vind je 5 ideeën hoe je kinderen kunt leren om zich in een ander te verplaatsen. Er ontstaat zo een sfeer van saamhorigheid en veiligheid!

Durf zelf kwetsbaar te zijn
Als leerkracht moet je je ervan bewust zijn dat leerlingen hun gedrag aan jou spiegelen. Ben jij erg gesloten en vertel je nooit iets over jezelf, dan zullen kinderen dit ook minder snel doen. Kinderen vinden het ontzettend leuk om verhalen over jou te horen. Welk kattenkwaad heb jij vroeger uitgehaald? Wat vond jij vroeger heel leuk om te doen? Uit wat voor familie kom je? Laatst vroeg een jongen uit mijn klas of ik al kinderen had. Uiteraard heb ik aan het begin van het schooljaar wel over mezelf verteld en ga je niet zeggen “Ik ben juf Linda, ik ben getrouwd en heb geen kinderen”, maar het deed mij wel weer beseffen dat kinderen graag persoonlijke dingen willen weten en dat is hartstikke logisch. Wat kinderen ook erg leuk vinden is dat je zelf jouw weekend- of vakantieverhaal deelt. Of vertel dat je iets nieuws aan hebt en dat je ook een rondje om de tafel wil lopen, de kinderen vinden dat prachtig!

Laat kinderen weten dat ze zichzelf mogen zijn
Wij hebben op school heel duidelijk de mentaliteit dat ieder kind bijzonder en uniek is. Dit moet je ook niet willen veranderen. Natuurlijk kunnen kinderen wel lastig gedrag laten zien, maar het is dan belangrijk om vooral het gedrag te benoemen en niet het kind zelf af te straffen. Daarnaast probeer ik ook heel erg te benadrukken dat we allemaal anders zijn, maar wel bij elkaar horen. Ik geef gerichte complimenten en benoem waar ze goed in zijn. Ik noem dit dan ook tegen de rest van de groep “Willen jullie zien wat Natalie heeft geknutseld?” (Niet alle kinderen vinden het overigens fijn om zo in de belangstelling gezet te worden.) Wat ik ook erg leuk vind is om de jarige in het zonnetje te zetten door de kinderen complimenten te laten bedenken. Lees voor meer tips het artikel ‘3 manieren om aan een positief klasklimaat te werken‘.

Ik ben benieuwd of jij hier bewust mee omgaat in de klas. Heb je nog leuke aanvullingen, dan hoor ik ze graag!

Auteur:

Linda Willemsen is het gezicht achter klasvanjuflinda.nl en zet zich in voor spelenderwijs ontdekken en leren. Ze werkt drie dagen per week in groep 3/4 op een kleine basisschool in Veenendaal. Daarnaast houdt ze zich bezig met auteurswerk en volgt ze de opleiding Master SEN richting gedragsspecialist.

3 gedachtes over “Kinderen leren om zich in een ander te verplaatsen

  1. Nathalie zegt:

    Empathie (je in een ander kunnen verplaatsen) is volgens mij één van de allerbelangrijkste “vaccins” tegen pesten. Zoals je aangeeft, kunnen prentenboeken daarbij zeer behulpzaam zijn. De in het boek beschreven gebeurtenissen hoeven niet per se door de kinderen al in het echt ervaren te zijn, ze kunnen veel leren uit zo’n verhaal voor later, als ze er zelf of in hun omgeving mee geconfronteerd worden. Daarom schrijf ik prentenboeken over gevoelige thema’s zoals levensbedreigende ziekte, dood, werkloosheid, verdriet… Bij alle boeken worden ook verwerkingsmethodieken gesuggereerd, om het thema op verschillende manieren te kunnen verkennen en verwerken.

    • Linda Willemsen zegt:

      Bedankt voor je toevoeging. Ik denk ook dat prentenboeken enorm waardevol zijn bij het aanleren van sociale vaardigheden en bij dit soort thema’s. Het zijn mooie boeken die je hebt geschreven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *