5 tips met woordkaarten bij kleuters

Woordkaarten zijn niet meer weg te denken uit de onderbouwgroepen in de basisschool. Erg handig dat je per thema elke keer weer woordkaarten kunt printen of zelf kunt maken, die je in je klas gebruikt om de woordenschat te stimuleren. Ik geef je 5 tips met woordkaarten bij kleuters.

Mag ik van jou?
Geef ieder kind in de grote groep een woordkaartje. Zorg ervoor dat ze dit kaartje goed zichtbaar voor hun buik houden, zodat iedereen het plaatje kan zien wat erop staat. Herhaal zo nodig op het begin even alle plaatjes, zodat iedereen weer weet, wat zijn of haar woord is.

Eén kind heeft geen kaartje. Dat kind vraagt nu: “Sophie, mag ik van jou…de mixer?” Nu is Sophie degene zonder kaartje. Zij stelt een ander kind een soortgelijke vraag. Gaat dit spel klassikaal goed, dan kun je het ook in kleinere groepjes spelen. Zo zijn de kinderen sneller aan de beurt. Dan wel regelmatig als leerkracht zorgen voor het wisselen van de sets woordkaartjes!

Het verhaal
Ieder kind heeft een woordkaartje in de hand. Als leerkracht ga je nu een verhaal verzinnen met de woorden van de woordkaartjes. Zodra je een woord noemt wat bij iemand op het kaartje staat, moet diegene het kaartje in de lucht steken. Met deze opdracht kun je heel goed meten hoe alert een leerling is! Het is ook leuk om dit eens met cijferkaartjes te doen.

5 tips met woordkaarten bij kleuters

Whiteboard
Een wat kleiner, los whiteboard past goed op de rand van een krijtbord in de kleutergroep. Bij ons staat deze er al weer een tijdje. Wat de kinderen doen? Ze hebben twee gekleurde whiteboard-stiften en een doosje met de woordkaarten van het thema. Die gaan ze overschrijven. Daarna mag de juf voorlezen wat er staat. Wat een trotse glimmende ogen, als de juf het goed voorleest wat je net geschreven hebt!

Flitsen met de bel
Ook het bekende flitsen met woordkaarten doen we weleens. Ik flits soms met een bel op tafel. Wie het antwoord weet (welk woord het is), mag op de bel duwen en het antwoord geven. Je kunt dit spelletje vooral goed spelen met een kleinere groep kinderen, zittend om de tafel. Een tip voor de kleine kring!

Wat is weg?
Het bekende ‘pand verbeuren’ spel kun je ook gewoon spelen met woordkaartjes. Leg er een stuk of 5 op tafel om mee te beginnen. Verzin een verhaal, zoals: ‘jullie gingen slapen en er kwam een dief langs’ om het allemaal een beetje spannend te houden. Laat de kinderen hun ogen sluiten.

Iemand is dief en neemt een kaartje mee. Iedereen wordt wakker en dan? Wie weet welk voorwerp ‘gestolen’ is? Dit spelletje spreekt bij kleuters erg tot hun verbeelding en kan je ook in de kring spelen als je nog een paar minuten over hebt tussendoor.

Woordkaarten
Je kunt van elk woord een woordkaart maken. Op zo’n kaart komt een foto en het woord te staan. Hierbij let ik erg op duidelijke en herkenbare foto’s. Voor de woorden gebruik ik een speciaal lettertype, zodat de kinderen de letters ook herkennen. Het lettertype kun je hier downloaden.

5 tips met woordkaartjes in de onderbouw…wie weet doe jij er hele andere dingen mee?! Ik ben benieuwd!

BewarenBewaren

Auteur:

Carolien van Beveren is gastblogger op klasvanjuflinda.nl. Ze studeerde in 2009 af aan de PABO. Vanaf die tijd heeft ze altijd als onderbouwleerkracht gewerkt, met veel enthousiasme. Ze vindt het belangrijk dat in het onderwijs aan kleuters het spelende kind centraal staat. Ze houdt ervan om thema's uit te werken en blogt hier dan ook regelmatig over. Carolien geeft les op een basisschool in Zeeland. Ze is getrouwd en moeder van een peuter van 2,5 en een baby.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *